
Spark
Klein draakje
Een klein groen draakje met vleugels die net iets te klein lijken — tot het durft te vliegen.
Over Spark
Spark verstopte zich lang achter de spiegels in de Spiegelgrot, bang dat hij anders was. Hij spuwt kleine vlammetjes en maakt warme brom-geluidjes, en als hij eenmaal durft glipt hij door de smalste opening. Klein, maar hij brandt.
Uit het dagboek
Knetter! Ik verwarmde de stenen zodat ze beter pasten. Klein vlammetje, grote brug. Twee vriendinnen in een grijze vlek pakten elkaars hand vast — en ik voelde de warmte tot in mijn vonken.
Lou hing halverwege de berg te roepen dat ze niet meer kon. Ik kon niet voor haar klimmen — maar ik kon naast haar vliegen. Samen is minder zwaar. Dat is toch ook iets waard?
De opening naar de grot was zó klein dat niemand erdoor paste — behalve ik, als ik mijn vleugels plat tegen mijn lijf vouw! Ik vond de dam, ik vond Pippa. Mijn kleine vleugels, eindelijk precies goed.
Luna werd uitgelachen om haar regenbooghoorn, net zoals ik om mijn vleugels. Dus vertelde ik haar: klein-zijn heeft ook voordelen! Fijn dat ik dat nu zélf durf te zeggen.
Ik zat wéér achter de spiegels, bang dat iedereen mijn te-kleine vleugels zou zien. Tot Lou zwaaide naar het draakje ín de spiegel. Naar mij. … Misschien glip ik morgen door die smalle opening. Misschien.
Vuurspuwen kan ik best. Maar durven om gezíen te worden — dát was het moeilijkst. Vandaag gloeide ik per ongeluk voor iemand. En het was niet eng.
Iedereen lacht om mijn kleine vleugels. Te klein om te vliegen, zeggen ze. Maar Lou vroeg wat ik er WÉL mee kan: stilletjes rennen, in balans blijven, door nauwe gangen kruipen. Toen veranderden alle spiegels. Misschien ben ik gewoon... bijzonder.